Kutboek

'Goedenavond, dames en heren, ik praat zo meteen met Johnny Rep, over wie een boek is verschenen. John, van harte welkom en gefeliciteerd met je boek, waar gaat het over en wie wil je er mee bereiken?' Dank je wel, het gaat over mijn leven in de voetballerij en ik wil dat alle jonge spelertjes het gaan lezen om te weten wat ze later allemaal kunnen beleven. 'Maar het gaat toch vooral veel over drank, drugs en lekkere wijven en nauwelijks over voetbal?' Ja, nu je het zegt, dat klopt wel een beetje. In mijn tijd ging het ook eigenlijk nergens anders over. Het was zuipen, spuiten, hoeren en snoeren. Man man man, wat gingen we te keer. Het is een wonder dat we nog wedstrijden wonnen. We stonden wel altijd ongeslagen bovenaan in de competitie om de Tampeloeres Cup, ha ha ha. 'Hoe ging dat in de praktijk dan?' Kijk, meteen na de training stapten we in de auto naar de parenclub. Of naar de hoeren, ja, dat ook. We hadden allemaal onze vaste adresjes waar we lekker een mooie wip konden maken. De meisjes waren dol op ons, want we konden niet alleen goed neuken, maar waren ook gul met fooien. En die voetbalhumor, hè, heerlijk was dat. Als er bijvoorbeeld eentje ongesteld was dan noemden we die dus de periodekampioen. En je mag driemaal raden wat we met de skybox bedoelden. Daar konden de leden alleen staand in, snap je? 'Ja, leuk, maar hadden jullie dan nog wel tijd om te trainen?' Nou, dat viel inderdaad nog niet mee. Je wilt niet weten hoeveel keer ik net deed of ik een blessure had. Knietje, enkeltje, grote teen, kleine teen, alles kwam langs. En dan ging je, hup, meteen het bezemhok in om een medewerkster een grote beurt te geven. Even kijken of de APK er nog op zat, noemden we dat. Nee, als het op krikken aankwam hadden we nergens last van. We liepen gewoon onze lul achterna en dan maar pompen. Bij uitwedstrijden namen we er voor de terugweg altijd een paar in de bus mee als souvenir. Dat heette dan vegen in de bezemwagen. En in de kleedkamer hing een lijstje met een rood potlood aan een touwtje waarmee je je prestaties kon afvinken, het zogenaamde puntenslijpertje. En dan altijd even aan dat touwtje ruiken, hè? 'Nou, bedankt voor dit gesprek. Laatste vraag: hoe zou je je boek, en daarmee dus ook je leven, in één woord willen omschrijven?' Nou ja, toch wel nogal... eh, kut, ja.

Copyright Peter Bonder.

Met dank aan 360SportsIntelligence.