#MeCamiel

Vaste lezers van deze rubriek weten dat ik regelmatig een weekje in Limburg vertoef. Dat bevalt me doorgaans meer dan uitstekend. Ze hebben er lekker bier, bij Jan Linders kun je prima boodschappen doen en een fietstocht langs de Maas is een waar genoegen, mits er een E-bike voorhanden is vanwege de pittige hellingen. Een nadeel is dat je de mensen niet heel best kunt verstaan, maar dat is geheel wederzijds. De gemoedelijkheid maakt veel goed, en juist daarom verbaas ik me telkens weer over de relatief grote hoeveelheid schandalen waarbij Limburgers betrokken zijn – en over de opvallend nonchalante reacties hierop door hun provinciegenoten. Ik noem een Jos van Rey en een Loek Hermans, twee grote meneren in de witteboordenbranche maar in hun woonplaatsen Roermond en Heerlen local heroes die toch vooral veel voor de gemeenschap betekend hebben. Ik noem een Monseigneur Gijsen, die zich op het Seminarie van Rolduc met een smeltende ouwel op de tong bevredigde achter de gordijnen van de jongenszaal – maar nondeju, wel een goede bisschop voor Meneer Pastoor. En ik noem een Camiel Eurlings, met wie ik graag een ‘wederzijds handgemeen’ zou willen hebben, om vervolgens daarvoor via een flutverklaring publiekelijk mijn halfhartige excuses aan te bieden, zodat ik na het verrichten van enkele dagen maatschappelijk werk dit jaar gewoon weer gezellig naar Limburg kan.

Copyright Peter Bonder.

Met dank aan 360SportsIntelligence.