Toplul

Ton van Veen is de opvolger van Jumbo-topman Frits van Eerd, die half september vorig jaar op het plaatselijke politiebureau zijn schoenveters en stropdas moest inleveren vanwege een akkefietje met vele tonnen aan zwart geld die in zijn Brabantse villa werden gevonden. Ton van Veen is behalve het nieuwe opperhoofd van ‘s lands tweede supermarktketen nog iets, namelijk een enorme lul. Die kwalificatie geef ik hem niet vanwege het totaal mislukte reclamespotje voor het WK-voetbal in Qatar, met die lollige polonaise van hossende bouwvakkers op gezellig meedeinende bouwsteigers. Dat beeld past namelijk precies in de platte visie van geldbeluste kassaterroristen op hun niets ontziende plunderjihad naar de portemonnee van de kansloze consument en wat dat betreft is Ton van Veen de perfecte roverhoofdman. De mensen kunnen letterlijk doodvallen, daar zitten deze valse jakhals en zijn jankende bloedhonden totaal niet mee.

Jumbo aanbieding

Nee, Ton van Veen is een enorme lul omdat hij vorige week zijn ware gezicht liet zien in een reactie op de woekerwinsten van zijn krakerskliek: ‘Gelukkig begint de situatie met buitensporige prijsverhogingen nu iets te bedaren, maar het zal nog wat tijd vergen voordat we van normalisering kunnen spreken.’ Je moet verdomme maar durven. Drie jaar lang heb je kwijlend van hebzucht met corona als alibi en het panache van de omerta je klanten volgens Siciliaanse tradities afgeperst met maffiose penosepremies voor hun dagelijkse boodschappen, met prijsverhogingen die opliepen tot meer dan twintig procent, en dan heb je het gore lef om te voorspellen dat er van een eventuele kentering voorlopig nog lang geen sprake kan zijn. Tegelijkertijd lazen we op Teletext: ‘Jumbo zag de omzet in de eerste zes maanden vergeleken met vorig jaar met 8,8 procent toenemen tot bijna zes miljard euro. Cijfers over de winst worden niet bekend gemaakt.’ Nee, natuurlijk niet. Als ze dat wel zouden doen, kon iedereen – zelfs een cijfermatig domme alfa zoals ik – zien dat ons de laatste jaren niet één, maar twee oren zijn aangenaaid met bunzingzure hoerensmoesjes over hogere inkoopprijzen, duurdere grondstoffen en gestegen loonkosten.

Gestegen loonkosten? Mag ik een teiltje, nú? De voornaamste reden waarom ik vrijwel nooit mee ga boodschappen doen, bestaat hieruit dat ik uit medelijden met de caissière geneigd ben om voor haar uit eigen zak een bonus van vijftig euro onder het beurtbalkje te verstoppen, en mijn vrouw weet dat. Daarom mag ik niet meer mee, en ik kan haar (mijn vrouw, niet de caissière) geen ongelijk geven. Maar waarom noemen we deze hufters eigenlijk nog steeds topmannen? Waar hebben ze dat in godsnaam aan verdiend? Omdat ze aan de top staan van een criminele organisatie uit wiens kutnaam ze goede sier maken bij hun vrindjes van Vindicat, Minerva, Nijenrode en de Rotary, verdomd lollige contacten onderhouden met de Formule I en, oh ja, de aandeelhouders in hun deftige derrière mogen kruipen met jammerverhalen over de noodzakelijkheid van de helaas nog steeds marktconforme prijzen voor de consument? Dus hoezo: topmannen? Waarom noemen we ze niet gewoon bij hun naam met wat ze in werkelijkheid zijn: toplullen?


Copyright Peter Bonder.

Kijk ook op www.twentesport.com.