Houtmier

Ach kijk toch eens, wat een lieve foto. We zien een aardige blonde mevrouw gezellig meedoen aan het spelletje ‘Hoofddoekje leggen niemand zeggen’ met vier schattige kindertjes terwijl hun moeder gelukzalig stralend toekijkt. Wacht even, het is maar een foto hè? En de werkelijkheid áchter dit gezellige toneelstukje vertelt een heel ander verhaal. Die aardige blonde mevrouw is Mona Keijzer, de Nederlandse migratieminister die vindt dat doorstroomlocaties ‘sober’ moeten zijn en dat statushouders moeten wachten totdat eerst alle ‘echte’ Nederlanders eindelijk een huis hebben. En die vier schattige kindertjes met hun gelukzalig stralend toekijkende moeder kunnen van die aardige blonde mevrouw verrekken als de fotograaf weg is omdat ze onderdeel zijn van de enorme asielcrisis (‘tsunami!’) die zij van die aardige blonde meneer moet oplossen. Het idyllische tafereeltje is vastgelegd tijdens een werkbezoek van de minister aan een opvangboot in de Rotterdamse haven waar tweeduizend statushouders bivakkeren in afwachting van een woning waarvoor ze afhankelijk zijn van die aardige blonde mevrouw die daar als minister voor bouwen en wonen toevallig óók over gaat. Zelf gebruikt ze overigens liever de term ‘cruiseschip’ want dat geeft het geheel (onbewust maar toch) de jaloers makende lading van copieuze catering, luxe cabines en chique entertainment. In werkelijkheid is het eten karig en beroerd, de huisvesting qua privacy en hygiëne alsof het om schurftige Roemeense zwerfhonden gaat en de situatie aan boord onveilig en bedreigend. Maar daar had die aardige blonde mevrouw geen boodschap aan en daarom had ze ook haar sociale media-redacteur meegenomen om plaatjes te schieten, hoewel dat tegen de afspraken was die met het COA waren gemaakt. Toen een wethouder van Rotterdam haar daar terecht op aansprak kreeg hij in plat-Volendams te horen: ‘Jij bent hier de baas niet’ en ‘Ik moet laten zien wat er met ons belastinggeld gebeurt’. Misschien moet ze dat laatste ook eens wat duidelijker gaan doen als het gaat over de renovatie van het Binnenhof waar ze eveneens verantwoordelijk voor is. Die klus loopt qua oplevering, prijskaartje en organisatie namelijk aardig uit de klauwen: in 2021 begonnen met als geplande eindtermijn 2026, 2026 werd 2028 en nu zitten we volgens een ‘realistische planning’ (lees: maar dan mag er ook echt he-le-maal niets meer mis gaan) al op ultimo 2031, waarbij de kosten gedurende al die jaren zijn gestegen van maximaal 475 miljoen naar minimaal 3,3 miljard. Om ons daarover bij te praten zette de minister een omgekeerde bouwemmer van de Action op haar hoofd waardoor het nog wat leek. In werkelijkheid hield ze een warrig verhaal over een ingewikkelde operatie vol onvoorziene omstandigheden zoals de aanwezigheid van duizenden zalen, zolders en kelders – alsof al die duizenden zalen, zolders en kelders er vóór 2021 niet waren. En dan was er tot overmaat van ramp ook nog de lasius fuliginosus oftewel de houtmier die ineens uitbundig knagend alle aandacht opeiste. Ja, dan wordt het al gauw een ingewikkelde operatie voor een minister van wie de expertise inzake een bouwprocedure niet veel verder reikt dan het al dan niet verplicht stellen van nestkastjes voor huismussen, vleermuizen, gierzwaluwen en andere kwetsbare diersoorten bij nieuwbouwwoningen. Mona Keijzer is de koningin van de houtmieren binnen ons politieke stelsel. Ze knagen zich een weg door de uitholling van de maatschappij, veroorzaken structurele schade aan de solidariteit van het sociale fundament, tasten de onderlinge samenhang aan, ondermijnen daarmee de wederzijdse opbouwfunctie en buiten de zwakke punten van anderen uit als een begin van het totale verderf. En, oh ja, ze gaan graag op de foto met hun toekomstige slachtoffers.
Copyright Peter Bonder.