Vier tot negen
Veel communicatie met burgers gaat gebukt onder het Angela de Jong-syndroom. De rumoerige columniste van het AD, die sinds ze gestopt is met haar tv-kritieken niet meer van de tv weg te slaan is, schreef over de veelbesproken appelmoes-affaire in een Zeeuws bejaardenhuis en gebruikte daarbij het woord ‘die mensjes’. Daar kwam veel kritiek op, en terecht, maar het past helaas wel bij de trend dat we door veel beeldbepalers niet voor vol worden aangezien en behandeld alsof we de verstandelijke vermogens van een driejarige hebben dan wel gekneveld in een dwangbuis door vijf potige verpleegkundigen naar de gesloten afdeling moeten worden begeleid. In beide gevallen is er sprake van een mentale isolatiecel waaruit het lastig ontsnappen is. Nu snap ik, een kras mensje van krap tweeënzeventig, dat sommige doelgroepen een aanpak op hurkhoogte behoeven. Zo hoef ik bij mijn kleindochter van vier niet aan te komen met, om maar eens een willekeurig gekozen voorbeeld te noemen, een doortimmerde verhandeling over het ecologische belang van de Sargassozee als cruciale paaiplaats voor Europese palingen. Die heeft meer aan de knusse prietpraat van Tommy Tomato, een bedrijf dat zich gespecialiseerd heeft in de verzorging van gezonde lunches met verse groentes op scholen. En die worden dus bezorgd in van die kleurige dozen met geinige teksten: Ik komkommer aan, From Tommy witlof, Paksoi ‘m aan, Courgette daar maar neer, Leuk je weer te aubergine, Van prei word je blij, Spina-zie je later. Even afgezien van het feit dat we het op deze manier niet vreemd moeten vinden als onze kinderen geen fatsoenlijk Nederlands meer krijgen: ze leren zo wel met de mond vol vitamines praten. En dat is ook een keuze.

Het wordt anders, kwalijker ook, als volwassenen het doelwit zijn van de overheid als domme ukkepukkies die geen klok kunnen kijken. In het kader van de cryptocampagne ‘Ze took dek no pom’ (slechts na zorgvuldige bestudering te lezen als ‘Zet ook de knop om’) worden we aangespoord om de drukte op het stroomnet te verminderen en op bepaalde tijden de stekker er niet in te doen. Dus in plaats van voldoende geld vrij te maken om die congestie tegen te gaan zodat bedrijven gewoon kunnen blijven ondernemen en er geen complete gemeenten ontmanteld hoeven te worden (Moerdijk), met alle extra kosten van dien, komt het ministerie van klimaat en groene groei met het Kleutertje-Luister-thema ‘Gebruik minder stroom tussen vier en negen, zo gaan we met elkaar de stroompiek tegen’. Hierbij vallen twee dingen op. Ten eerste: het rijmt, maar dat zijn we zo langzamerhand wel gewend van de boven ons gestelden die ‘De maatschappij dat ben jij’ ooit als de hoogst haalbare norm voor gouvernementale oekazes omarmd en sindsdien nooit meer losgelaten hebben. Het zou pas opvallen als het niet rijmt. Maar het tweede wat opvalt maakt het allemaal onnodig veel gecompliceerder. Er staat namelijk tussen vier en negen, maar bedoeld wordt tussen 16.00 en 21.00 uur. En nu snap ik ook wel dat het woord ‘eenentwintig’ qua dichterlijke opties (te) veel vraagt van onze romantische rijmklerken, maar om daar nu de waarheid aan op te offeren, dat is toch ook weer het andere uiterste. Ik stel daarom voor om definitief te kappen met die poëtische poeha en voor alle nationale vraagstukken (congestie, racisme, de uitstoot van Angela de Jong en de emissie van stikstof) voortaan één overkoepelende slogan te gebruiken, dan weten we allemaal waar we aan toe zijn. Suggestie: ‘Kijk een beetje beter uit je doppen, anders gaan we samen naar de knoppen’.
Copyright Peter Bonder.