Al wat loeit en broeit

Beeld & Geluid op het Mediapark in Hilversum heeft het archief voor iedereen toegankelijk gemaakt. In deze ‘digitale schatkamer’ is ongetwijfeld ook ruimte voor de vele datingprogramma’s waarvan de successen nogal uiteen lopen. Zo bestaat de oogst van Boer Zoekt Vrouw sinds het begin in 2004 uit vierentwintig koppels die nog bij elkaar zijn en samen vijfenzeventig kinderen hebben voortgebracht. Op de vraag of die ook allemaal Bertha I, Bertha II en Bertha III heten moet ik helaas het antwoord schuldig blijven, maar uit de cijfers blijkt wel dat de formule nog lang niet uitgemolken is. En daarbij moet ik altijd weer denken aan de legendarische woorden waarmee de Groningse bioloog Dr. Fop I. Brouwer zijn zondagse ochtendpraatje bij Weer Of Geen Weer (‘s zomers) en IJs En Weder Dienende (‘s winters) tussen 1955 en 1974 afsloot: ‘Al wat leeft en groeit en ons altijd weer boeit’. Het was in de gloriedagen van de VARA toen de socialistische omroep de verheffing van het grauw nog hoog in het rode vaandel had staan, en duiding geen vies woord was. Intussen is het vooral een kwestie van ‘Al wat loeit en broeit en ons altijd weer boeit’ en gaat het ook om de lucratieve belangen van presentatrice Yvon Jaspers die florissante BZV-merchandising ten gunste van haar eigen portemonnee exploiteert in combinatie met exclusieve schnabbels voor de veevoercowboys van ForFarmer en andere commerciële lijntjes met de agro-gestapo waarvoor ze bij de BBB een moord zouden doen (ze zijn er toe in staat).

Niettemin zijn het cijfers waar ze bij dat andere kijkcijferkanon Married At First Sight (MAFS) niet aan kunnen tippen. Daar staat de teller na tien jaar op zeven gelukte pogingen met vierenzestig stellen die elkaar ongezien het ja-woord gaven, met uitzondering van Sandra die door een foutje in de communicatie had gezien dat de speciaal voor haar geboetseerde Rob niet de ware Jacob was. Grote consternatie was het gevolg, met alle voorspelbare bagger in de sociale riolen, maar eigenlijk was dit ongeprogrammeerde ongemak meteen ook het onomstotelijke bewijs voor het morele, praktische én commerciële faillissement van dit soort emotieporno uit het algoritmische inteelt-abattoir van het commerciële kijkcijferterrorisme op zogenaamd wetenschappelijke basis. Ik bedoel maar: het zegt toch meer dan genoeg dat ook dit seizoen weer vijf van de zes relaties tamelijk kansloos op de klippen liepen, en dat zeg ik niet alleen omdat een van die zelfbenoemde neptherapeuten Lennart Klipp heet. En wie heeft bedacht dat zo’n Kirsten ooit ook maar enigszins warm zou worden van enige affectie? Die arme Luigi had voor haar ontbijtjes nog honderdduizend diepvriescroissantjes kunnen afbakken maar deze frigide Zanussi was nooit ontdooid met haar ‘ja, eh, nou… nee’. Dus als u mij vraagt of dit decadente experiment een blijvende aanwinst is voor het culturele erfgoed van onze nationale televisiegeschiedenis dan zeg ik geen ‘ja, nou, eh…’ maar ronduit ‘nee’. Kappen met die opgeleukte flauwekul. Het is met voorbedachten rade misbruik maken van twijfel, wanhoop en verlangen. Het is een misdadige vorm van boosaardige afzeikcultuur.


Copyright Peter Bonder.