Kleine Louis
Wanneer je het artikel over het trainingskamp van FC Twente leest op tubantia.nl krijg je sterk de indruk dat niet voor niets Tegelen als locatie is gekozen. Hier in dit Limburgse dorp vinden immers sinds 1931 de Passiespelen plaats over het leven en lijden van Jezus Christus en de verslaggever lijkt daardoor de geest te hebben gekregen in de goddelijke nabijheid van Onze Lieve Heer zijn zoon op aarde te mogen verkeren. Nu ben ik – geen misverstand – allang blij dat we hier geen Valentijn Driessen hebben bij wie het accuzuur tappelings uit de laptop druipt, maar je kunt het qua hosanna, hoera en halleluja ook overdrijven. Met dit epistel wordt de indruk gewekt dat er bij FC Twente de laatste zestig jaar maar wat aangerotzooid is. Neem alleen al de kop boven het verhaal: ‘Met Erik ten Hag als technisch directeur zijn veel dingen anders bij FC Twente’. De boodschap is duidelijk: aan het Colosseum heeft een absolute professional het roer in handen gekregen, een kapitein met het kompas op kwaliteit en de koers op kampioen. Als hij voorbijkomt gaat iedereen rechtop zitten, zijn haviksogen ontgaan niets en niemand, hij loopt zelfs voorop tijdens de boslopen en ook routinier Remko Pasveer is diep onder de indruk, vooral van het eten en de shakes tussendoor. Maar ja, die komt dan ook van Heracles en in Almelo hadden ze nu eenmaal geen shakes, zelfs niet tussendoor. ‘Kleine Louis’ genoemd naar de Grote van Gaal heeft in korte tijd zijn stempel gezet op het nieuwe motto van FC Twente: ‘Goed is niet goed genoeg, het moet altijd beter’. Om te beginnen beter dan vorig jaar. Toen werden ze vierde, maar had iedereen in Enschede het gevoel dat er meer had ingezeten. Tja, daar hoef je geen Kleine Louis voor te zijn: als je minimaal vijftien punten verspeelt aan Excelsior, NAC, Telstar, Volendam en PEC kun je er op wachten dat iedereen het gevoel had dat er meer had ingezeten. Maar gelukkig, er gaat volgens de nieuwe technisch directeur ook al heel veel wél goed. Mooi dat dat er voor alle zekerheid nog even bij gezegd wordt, anders zou je zomaar op het idee kunnen komen dat zijn voorgangers er een potje van gemaakt zouden hebben. Ik bedoel maar: Ted van Leeuwen, Ron Jans en Jan Streuer zijn natuurlijk geen koekenbakkers. Het is aan hun inspanningen, connecties en kwaliteiten te danken geweest dat FC Twente twee donkere periodes (het faillissement en de degradatie) heeft overleefd en er sterker is uitgekomen. Toen zij begonnen was er niets, behalve twee keepers, een verdwaalde rechtervleugelverdediger en vier terreinknechten – en kijk even waar we nu staan, met een fonkelnieuw trainingscomplex en wel vijf terreinknechten op het oude Diekman. Tot slot nog dit: het thema van de Tegeler Passiespelen was dit jaar ‘Kruisig Mij’. Zeg dat maar niet tegen Kleine Lowietje.
Copyright Peter Bonder.