Kindermarteling

Kindermarteling. Alleen het wóórd al. Je moet er niet aan denken en kunt alleen maar hopen dat het een ver-van-ons-bed-show is. Een strafkamp van IS in Syrië, zoiets. Maar nee, het gebeurt ook gewoon bij ons. Er zijn op dit moment zeker twaalf gevallen bekend in Nederland, zoals de tienjarige pleegdochter in Vlaardingen: jarenlang dermate mishandeld en verwaarloosd dat ze vanwege het opgelopen hersenletsel functioneert op het niveau van een peuter en levenslang intensieve zorg nodig zal hebben. Of de twee kinderen in Stadskanaal: een meisje van zes en een jongen van zeven, structureel mishandeld, vastgebonden, vernederd, opgesloten, ondervoed en uitgehongerd. In beide gevallen konden de daders veel te lang ongestoord hun gang gaan totdat er dankzij een tip van een oplettende leraar ergens bij een van de tientallen langs elkaar heen werkende instanties een lichtje ging branden. En nu moet u niet denken dat dergelijke gruwelheden alleen in ‘gewone’ gezinssituaties voorkomen. Kindermarteling gebeurt ook namens ons allemaal, binnen de muren van de gesloten jeugdzorg. Een vijftienjarig meisje kwam als vluchteling met een oorlogstrauma naar Nederland waar ze welkom werd geheten in een kale cel. Er lag alleen een matras. Het kussen, een hoes en een deken moest ze ‘verdienen’. Toiletpapier kreeg ze alleen bij goed gedrag. Er werden eieren op haar hoofd kapot geslagen en soms werd het water van haar cel afgesloten zodat ze de wc niet kon doorspoelen. Medewerkers zeiden tegen haar dat het haar eigen schuld was dat ze opgesloten zat, dat ze er nooit meer uit zou komen en dat ze maar beter zelfmoord kon plegen.

Bijna twintig jaar lang zijn in Nederland tienduizenden jongeren fysiek, mentaal en seksueel mishandeld, vernederd en getreiterd. Eind vorige maand sprak CDA-minister Mirjam Sterk in Ede een zaal toe met slachtoffers, nabestaanden en naasten. Ze stond daar namens de betrokken organisaties om excuses aan te bieden voor de pijn en het leed dat de aanwezigen hadden moeten ervaren in de gesloten jeugdzorg en de sporen die dat heeft nagelaten. ‘Het was en is niet jullie schuld. Niets wat jullie hebben moeten meemaken in de gesloten jeugdzorg kwam door jullie zelf’. Voor sommigen kwamen deze woorden te laat, omdat zij niet meer leven. Minstens vijf jongeren pleegden zelfmoord, waarschijnlijk zijn het er meer die met de intense gevolgen van de martelingen niet meer konden leven. Voor hen die het, hoe gehavend ook, wel overleefden gloort een sprankje financiële hoop aan de horizon in de vorm van een ‘compensatie’: de regering trekt twaalf miljoen euro uit voor ‘herstelactiviteiten’ om de dertigduizend (!) jongeren tegemoet te komen. Dat is omgerekend een bedrag van vierhonderd euro per slachtoffer. Beetje zuinig als je dat vergelijkt met de miljarden die besteed worden aan de voorgenomen verlaging van de Box 3-belasting op particuliere vermogens en het is wel duidelijk waar de prioriteiten van dit kabinet liggen: bij de aandeelhouders van het grootkapitaal, niet bij de gedupeerden aan de onderkant van onze samenleving. Eigenlijk is dit dus wat de minister zei: ‘Sorry dat we je leven verwoest hebben terwijl we je hadden moeten beschermen. En veel plezier met je fooi’.


Copyright Peter Bonder.