Onderwijspartij

leesplankje

D66 heeft zich vanaf de oprichting consequent geafficheerd als ‘de onderwijspartij’. In de zestig jaar van haar bestaan was de onderwijsparagraaf in het verkiezingsprogramma een kwestie van Ctrl-C: onderwijs als de sleutel tot gelijke kansen en persoonlijke vooruitgang; niet iemands afkomst of de beurs van de ouders bepaalt hoe ver iemand komt, maar talent en inzet; betere basisvaardigheden (zoals lezen en schrijven) en in veel gevallen kleinere klassen; gratis kinderopvang; ruimte voor persoonlijke ontwikkeling en een leven lang leren. Dat zijn mooie woorden, maar de bittere realiteit is dat de kwaliteit van het onderwijs achteruit holt en Nederland op dat gebied een ontwikkelingsland is geworden. Onze kinderen kunnen niet meer fatsoenlijk lezen, schrijven en rekenen. Vooral de leesvaardigheid laat ernstig te wensen over: op de lijst van PISA (Programme for International Student Assessment, een grootschalig internationaal onderzoek dat de kennis en kunde van vijftienjarige leerlingen meet) scoort alleen Griekenland slechter en bijna veertig procent van onze leerlingen kan niet goed genoeg lezen om op school behoorlijk mee te komen, om nog maar te zwijgen over de vraag wat ze er later in de maatschappij van terecht zullen brengen.

Nu zou het onzin zijn om de schuld hiervan volledig bij D66 neer te leggen: de partij heeft immers slechts drie ministers op dit departement geleverd, Ingrid van Engelshoven (2017-2022), Robbert Dijkgraaf (2022-2024) en Rianne Letschert (nu). Andere leveranciers waren vooral de KVP, het CDA en op nummer één de PvdA van wie Ronald Plasterk – voor al uw feesten en partijen – met name opviel vanwege zijn grote hoeden en mooie praatjes. Het absolute dieptepunt op het departement evenwel was de bizarre installatie in 2025 van de volstrekt incapabele BBB-machinebankwerker Gouke Moes die drie weken na zijn aftreden als minister van onderwijs, cultuur en wetenschap (!) een rechtszaak tegen de staat begon ‘om de Nederlandse cultuur te beschermen tegen de gevolgen van massa-immigratie’. In een land met wat minder beschaving zou hij wegens hoogverraad gearresteerd en opgesloten worden, hier kun je met zulke ideeën namens een serieus te nemen partij minister van onderwijs worden. Wat u zegt: de wetenschap staat voor niets. En voor lul, niet te vergeten.

Wat allemaal niet wegneemt dat D66 uitgerekend (!) op Prinsjesdag een uitgelezen (!) kans heeft laten liggen om te bewijzen dat het elitaire etiket van ‘de onderwijspartij’ meer is dan een goedkope geuzennaam uit het handboek voor marketing. Hebben ze eindelijk een eigen minister-president in de persoon van Rob Jetten, met een universitair geschoolde onderwijsminister op de bok, en dan wordt het onderwijs in de Troonrede vrijwel niet met zoveel woorden genoemd. Het onderwerp kwam nauwelijks aan bod, alleen in het kader van economische innovatie, digitalisering en AI werd zijdelings verwezen naar de rol van kennisinstellingen en het bedrijfsleven, het stokpaardje van de VVD waar ze voor de bezetting van het ministerie niemand anders wisten te verzinnen dan de twee duizenddingendoekjes uit het pretpakket van de familie Hermans, papa Loek (1998-2002) en zijn dochter Sophietje (vorig jaar, godzijdank ad interim). Er komt alleen geld vrij om eerdere bezuinigingen gedeeltelijk terug te draaien, zij-instromers te faciliteren en budget vrij te maken voor ‘een veilige AI-voorziening met aandacht voor privacy’. Met zo’n mager herfstrapport gaat Robje niet over, hij moet beter zijn best doen.

stempel

Copyright Peter Bonder.