Stoeptegel
Voor een partij met twee zetels in de Eerste Kamer, twee in het Europese Parlement en één in de Tweede Kamer doet Laurens Dassen van Volt goed zijn best om er wat moois van te maken. Intelligent, sympathiek en welbespraakt, de politieke variant op Sander Schimmelpenninck en Arjen Lubach. Kortom, de ideale rode lap voor intellectuele lichtgewichten als Johan Derksen, Wierd Duk en Victor Vlam. Vaak roepen mensen als hij een bepaald soort irritatie op omdat ze doen denken aan dat snuggere slimste jongetje van de klas dat bij het partijtje op het plein altijd als laatste gekozen werd – als ie al mee mocht doen. Daar is bij Laurens Dassen geen sprake van, integendeel: hij was in zijn jonge dagen een bovenmatig getalenteerd voetballertje dat net te kort kwam voor de jeugdopleiding van FC Eindhoven. Hij is dus niet alleen bijdehand van begrip maar kan ook anderszins redelijk uit de voeten, als u begrijpt wat ik bedoel. En toch snap ik de ergernis bij velen nu hij samen met Jesse Klaver van Pro optrekt in de onderhandelingen met het kabinet over de begroting voor 2027. Met hun zetels kunnen ze Rob Jetten aan een meerderheid in zowel de Eerste als de Tweede Kamer helpen. Bovendien is hun combi over links vele keren authentieker, betrouwbaarder én geloofwaardiger dan het gênante een-tweetje op de rechterflank tussen de twee ideologische tegenpolen SGP en JA21, bij ons thuis ook wel Stoffer & Blik genoemd, die in de senaat helemaal geen potten kunnen breken.
Dat neemt allemaal niet weg dat ook de linkse duo-presentatie hier en daar wat ongemakkelijk oogt. De leiders van Pro en Volt zaten samen bij Pauw & De Wit en dat bestudeerde toneelstukje deed toch vooral serieus denken aan het bekende mopje van de olifant en de muis die samen over een brug lopen (‘Wat stampen we lekker hè?’) waarbij u driemaal mag raden wie de muis was en wie de olifant. Verder zagen we een man met een pappadag die zijn kind had beloofd dat ze niet naar de McDonald’s zouden gaan en daarna nog een ijsje bij de bioboerderij gingen eten. En intussen moest ik denken aan dat interview in de NRC met een zekere Roderick (!) die in Wassenaar kandidaat is voor Volt om in de gemeenteraad te komen. Hij had er zelfs met enkele geestverwanten een lokale afdeling voor opgericht, en wel hierom: ‘Het kost veel tijd, maar er vloeit veel positieve energie uit voort. Het is typerend voor Volt om het over ideologieën en vergezichten te hebben in plaats van losliggende stoeptegels’. Ach ja. Tuurlijk. Ideologieën. Vergezichten. Het bekende vage gezever van gewichtige luchtverplaatsers met hun biorelevante citybakfiets. Losliggende stoeptegels zijn zó ordinair, daar besteden ze bij Volt hun positieve energie liever niet aan. Het elitaire dedain walmt je tegemoet en beneemt je de adem. En zo zal Roderick niet de eerste hoogdravende politicus zijn die met z’n neus in de lucht en z’n ogen in de zak op weg naar de bedwelmende horizon van de linkse dageraad sukkelig struikelt over een lullig steentje. En, oh ja, dat ijsje moest natuurlijk wel gegarandeerd duurzaam, milieuvriendelijk vervaardigd en ecologisch verantwoord zijn.
Copyright Peter Bonder.