Sweet memories
Enschede is in de loop der tijden nooit erg zuinig geweest met het culturele erfgoed van de stad. Heel wat karakteristieke gebouwen met toekomstige eeuwigheidswaarde zijn rücksichtslos gesloopt om plaats te maken voor inwisselbare eenheidsworst zonder kraak of smaak. Daar is, met alle respect voor de terechte heimwee, melancholie en nostalgie, niets meer aan te doen. Je kunt hooguit zeggen, met dank aan de nijvere archivarissen: gelukkig hebben we de foto’s nog. Maar nu is er eindelijk ook een keer goed nieuws van het historische front: vijf markante locaties en panden in Enschede worden voorgedragen als gemeentelijk monument en zijn daardoor vanaf nu per direct officieel beschermd tegen elke ongewenste verandering (waaronder dus ook de sloopkogel). Het gaat hierbij om de pyjamafabriek van Robson aan de Blekerstraat uit 1947, de museumvilla Serphos aan de M.H. Tromplaan (1910), Het Rozendaal, de oude Tetem-weverij waarin nu de Museumfabriek zit (1907), Spinnerij Oosterveld van Rigtersbleek aan de Goolkatenweg (1911) en het pand op de hoek van de Molenstraat en de Nieuwe Schoolweg dat ooit bij de ijzergieterij en machinefabriek van Sanders hoorde (1910). Vooral de laatste locatie roept bij mij persoonlijke speciale herinneringen op, letterlijk sweet memories.

Elke keer als ik voor mijn wekelijkse looptraining vanuit Zuid naar Roombeek ga fiets ik altijd even door het Zeggelt. Dan keer ik terug naar mijn jeugd aan de H.B. Blijdensteinlaan tussen het Rijksmuseum en de Dr. Benthemstraat. Vandaar ging het naar de St. Jozefschool naast de gelijknamige R.K. kerk, tegenover het hoekhuis aan de Nieuwe Schoolweg en de Molenstraat. In de loop der jaren hebben hier veel verschillende bedrijven hun werkzaamheden verricht, onder andere de klompenmakers van Overmaat, het sigarenmagazijn Java van G. Stevens-Venterink, verwarmingsindustire Willekes, de industriële handelsonderneming van Th. Emmel voor gietwerk in koper en brons, de firma Wagenvoort met hun rubbercorsetten (slank door massage) en de mode van Twiggy. Een bijzondere bewoner was G.J. Wagenvoort die hier tussen 1930 en 1940 op de bovenetage onder het pseudoniem De Twentse Dichter liedjes, versjes en revuetjes schreef voor bruiloften, jubilea en allerhande feesten. Later, tussen 2005 en 2010, had Alice Brusse er als Mevrouw Brusse haar winkel in tweedehands spullen. Voor het boek ‘Enschede, de mensen, de stad’ van Willy Berends had ik in 2008 een interview met horeca-ondernemer Fred Brinkhorst (De Kater, Cockney’s) die hier ooit Boetiek 87 had. En verder, nog even terugkomend op die sweet memories, weet ik bijna zeker dat we in onze schoolpauzes aan de overkant van de Nieuwe Schoolweg in het winkeltje op de hoek (ik hoor de deurbel nog) snoep kochten zoals zoethout, citroenzuurtjes en kauwgomballen. Of ik moet me sterk vergissen en dan zit ik er letterlijk een deur naast. Wie het zeker weet mag het me melden: pcbonder@kpnplanet.nl.
Copyright Peter Bonder.